Bron: NOS Algemeen | Methode: Herschreven
Origineel: “Nooit strafzaak tegen 'wonderjuffrouw' Greet Hofmans, want dat 'zou rumoer wekken'”
Vandaag was het Openbaarheidsdag, wat betekent dat van duizenden archiefstukken in het Nationaal Archief de geheimhouding is opgeheven. Het gaat om dossiers die tot nu toe gesloten waren of alleen onder voorwaarden konden worden ingezien, veelal door wetenschappers. In totaal…
Op de jaarlijkse Openbaarheidsdag heeft het Nederlandse Nationaal Archief duizenden geheime documenten vrijgegeven, waaronder fascinerende details over een van de meest controversiële figuren uit de Nederlandse geschiedenis: Greet Hofmans. De zogenaamde ‘wonderjuffrouw’ die in de jaren vijftig bijna een constitutionele crisis veroorzaakte, ontsnapte aan strafrechtelijke vervolging omdat dit “veel rumoer zou wekken” en schade zou toebrengen aan het aanzien van koningin Juliana.
**Duizenden documenten vrijgegeven**
In totaal werden tijdens deze Openbaarheidsdag zo’n 13.000 archiefstukken, brieven en documenten uit de doeken gedaan, die teruggaan tot 1949. Naast het dossier over Hofmans bevatten de vrijgegeven stukken ook verslagen van onderhandelingen met Zuid-Molukse jongeren die in 1975 een trein bij Wijster kaapten, en dossiers van prominente communisten en Surinamers die tijdens de Koude Oorlog door Nederlandse veiligheidsdiensten werden gevolgd.
De documenten over Greet Hofmans bevatten bijzonder saillante details over haar werkwijze en de politieke overwegingen die ervoor zorgden dat zij nooit voor de rechter verscheen. Historicus Han van Bree, die vorig jaar de biografie “Het vertroebelde oog, het onbegrepen leven van Greet Hofmans” publiceerde, had de documenten al eerder kunnen inzien voor zijn onderzoek.
**Vroege waarschuwingen genegeerd**
Opvallend is dat er al vroeg, in 1949, onderzoek werd gedaan naar de alternatieve genezeres door een inspecteur van de Rijkspolitie. Dit onderzoek bereikte zelfs het bureau van toenmalig justitieminister Wijers, die de zaak besprak met premier Drees. Ondanks de bevindingen bleef strafrechtelijke vervolging uit, omdat dit “veel rumoer zou wekken en daardoor haar naam, evenals het vertrouwen dat het volk in haar (koningin Juliana) stelde, schade zou lijden”, aldus een brief van Wijers aan Drees.
Van Bree benadrukt dat er verschillende vroegtijdige onderzoeken naar Hofmans plaatsvonden: “Zo was zij al in 1950 ondervraagd door artsen en dominees en daar is uitgebreid verslag van gedaan.” Dit alles gebeurde dus jaren voordat de Hofmans-affaire in 1956 via het Duitse blad Der Spiegel publiekelijk aan het rollen werd gebracht.
**Van oogafwijking tot spiritueel adviseur**
Greet Hofmans kwam aanvankelijk in beeld via jachtvrienden van prins Bernhard, toen de jongste dochter van het koninklijk paar, prinses Christina, kampte met een aangeboren oogafwijking die haar bijna blind maakte. Het koningspaar hoopte eind jaren veertig dat Hofmans de prinses zou kunnen genezen.
Voor haar consulten nam Hofmans geen geld aan, maar ze ontving wel cadeaus van Juliana en kreeg een eigen kamer in Paleis Soestdijk. Volgens de rapporten beweerde zij dat ze “uit liefde” werkte, “omdat ze, naar eigen zeggen, van God is gezonden”. Hofmans presenteerde zichzelf als een spreekbuis van God, hoewel uit documenten blijkt dat zij niet tot een kerkgenootschap behoorde.
**Religieuze context van de tijd**
Van Bree plaatst Hofmans’ optreden in de context van het sterk religieuze Nederland van de jaren vijftig. “Veel mensen hadden de Bijbel gelezen, en daarin stond het bol van mensen die een opdracht hadden gekregen.” Ook koningin Juliana en haar moeder Wilhelmina waren volgens hem “oprecht religieus bevlogen, en in Hofmans vonden ze een steun en toeverlaat die kon verwoorden wat zij dachten.”
**Wijdverspreide praktijk**
Als gebedsgenezeres verwierf Hofmans als “wonderjuffrouw” bekendheid in haar woonplaats Hattem en ver daarbuiten. Elke maandag hield zij een zitting in café-restaurant Steenman in Hattem, van 08.45 uur tot 21.00 uur. Soms stonden mensen al vier uur eerder in de rij, hopend op genezing van verschillende ziekten en kwalen.
Hofmans’ invloed reikte echter verder dan medische kwesties. Zij werd ook in kringen van het hof geraadpleegd voor adviezen, bijvoorbeeld over het beleid in Indonesië. Wanneer haar adviezen niet bleken te kloppen, ging ze naar eigen zeggen “even in trance” om vervolgens te erkennen: “Inderdaad, ik heb me vergist. En zo is het.”
**Medische bezwaren**
De archiefstukken bevatten meerdere brieven met klachten van dokters en patiënten. Hofmans had bijvoorbeeld een diabetespatiënt aangeraden te stoppen met insuline en epilepsiepatiënten afgeraden hun medicatie te nemen. In 1950 sloegen psychiaters, internisten en artsen na een bijeenkomst met haar alarm. Een psychiater concludeerde destijds: “Het is een gevoelskwestie en niet logisch doordacht. Haar gehele denkwereld is volkomen geïsoleerd. Ze staat buiten de werkelijkheid.”
**Juridische obstakels**
Ondanks alle bezwaren kwam er uiteindelijk geen strafrechtelijk proces tegen Hofmans wegens kwakzalverij. Van Bree legt uit waarom: “Daardoor zou koningin Juliana betrokken raken bij de zaak en het koninklijk huis aantasten, en dat leek iedereen onverstandig. Daarnaast was het juridisch ook moeilijk haalbaar: Hofmans gaf religieuze adviezen, en dat mag iedereen. Bij gesprekken met cliënten waren bovendien geen getuigen aanwezig, dus dan heb je geen sterk verhaal.”
**Het einde van een tijdperk**
De brief van minister Wijers aan premier Drees uit 1950 vormde uiteindelijk een keerpunt in Hofmans’ carrière. Zij moest haar werkzaamheden als gebedsgenezeres staken en prins Bernhard zorgde ervoor dat haar de toegang tot Paleis Soestdijk werd ontzegd. Koningin Juliana sprak in de brief haar spijt uit dat er “niet meer begrip was voor het heilbrengende werk van H.”
Ondanks deze maatregelen bleven Juliana en Hofmans contact houden tot de publicatie in Der Spiegel van 1956, die de affaire definitief tot een publieke kwestie maakte.
**Conclusie**
De vrijgegeven documenten werpen een nieuw licht op hoe de Nederlandse overheid omging met de controversiële figuur van Greet Hofmans. Ze tonen aan hoe politieke overwegingen en de bescherming van de monarchie zwaarder wogen dan mogelijke juridische stappen tegen haar omstreden praktijken. Het dossier illustreert tevens de complexe verhouding tussen religie, macht en recht in het Nederland van de vroege naoorlogse periode.