In een recent aflevering van de Rubin Report voerden presentator Dave Rubin en zijn gasten — politiek commentator James en econoom en schrijver Jeffrey — een uitgebreid gesprek over de onlusten in Frankrijk. De discussie draait om de vraag of de Franse staat nog in staat is de orde te herstellen, en meer fundamenteel: wat de langetermijngevolgen zijn van decennia van open-grenzenbeleid in West-Europa. Het gesprek is scherp, ideologisch geladen en raakt aan kernvragen over immigratie, burgerschap, staatsgezag en de toekomst van het liberale Westen.
De rellen in Frankrijk: een samenleving in brand
Dave Rubin opent het gesprek met een alarmerende schets van de situatie in Frankrijk. Volgens hem worden de rellen nauwelijks gedekt door de reguliere media, terwijl er naar zijn zeggen ongekende geweldsgolven plaatsvinden in Parijs en de buitenwijken. Hij beschrijft beelden van brandende bussen, verwoeste scholen en uitgebreide plunderingen. De relschoppers zijn volgens hem overwegend tweede- en derdegeneratie-immigranten van Afrikaanse en Moslimachtergrond. Rubin is bijzonder scherp in zijn formulering: “Je ziet Europa neerdalen in anarchie — het hart van Europa — met massaal geweld en wanorde.”
Rubin stelt een provocerende vraag aan zijn gasten: is het niet tijd om West-Europa aan zijn lot over te laten? “Er zijn miljoenen goede mensen, maar je zult het zelf moeten uitzoeken, want deze landen functioneren simpelweg niet meer.” Het is een retorische uitdaging die de toon zet voor de rest van het gesprek.
James: geopolitieke gevolgen zijn niet te negeren
Gast James reageert nuchter op Rubins provocatie. Hij snapt de impuls, maar wijst erop dat de situatie in West-Europa globale consequenties heeft die niet zomaar genegeerd kunnen worden. “Frankrijk heeft zo’n 260 kernkoppen. Het is niet zo eenvoudig om te zeggen: zoek het maar uit, jongens.” James waarschuwt dat als wat velen vrezen — een islamitische overname van landen als Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland — werkelijkheid wordt, dit gevolgen heeft voor de hele wereld.
Hij richt zijn kritiek ook op de Franse politiek zelf. De Macron-regering treuzelt volgens hem bewust, in afwachting van het moment waarop gewone Fransen zelf de wet in eigen handen dreigen te nemen. Pas dan, verwacht James, zal de overheid politieke wil vinden om in te grijpen — maar dan waarschijnlijk te hard en te laat. “Wat je uiteindelijk krijgt is een surveillancestaat als nachtmerrie, als oplossing voor een probleem dat had kunnen worden opgelost met goed politiewerk.”
James wijst ook op de rol van de linkse partij La France Insoumise (Frankrijk Ongebogen), die de wegversperringen en protesten openlijk steunde. Hoewel de partij zegt nooit geweld te hebben gewild, wordt ze er volgens James terecht van beschuldigd de voorwaarden te hebben geschapen die tot de uitbarsting leidden — mogelijk zelfs wetende dat het tot geweld zou leiden.
Jeffrey: een libertariër biedt zijn excuses aan
Het meest opvallende moment in het gesprek komt van Jeffrey, die zichzelf omschrijft als een voormalig pleitbezorger van vrije immigratie en open grenzen. Hij spreekt zijn “periodieke diepste excuses” uit aan het publiek: “Ik heb het grootste deel van mijn carrière besteed als voorstander van vrije immigratie en open grenzen. Ik weet dat iedereen me nu haat. Maar het spijt me. Het spijt me echt.”
Jeffrey legt uit dat hij tot dit inzicht is gekomen na wat hij noemt “bittere, moeilijke lessen” van de afgelopen tien jaar. Hij verwijst naar de zomer van 2020 in de Verenigde Staten — de onlusten na de dood van George Floyd — als bewijs dat handhaving noodzakelijk is wanneer de openbare orde instort. “Anders beland je in anarcho-tirannie. Dat is een ramp.” Zijn kernstelling: als je een natie wilt hebben, moet je minimale gedeelde culturele aannames handhaven. Ongecontroleerde migratie die de sociale cohesie ondermijnt, leidt tot politiek geweld en een onleesbare, incoherente samenleving.
Het debat over grenzen en burgerschap
Jeffrey gaat dieper in op de filosofische vraag: wat is eigenlijk het doel van grenzen? Volgens hem is het meest fundamentele doel van een grens het afbakenen van de juridische definitie van burgerschap. “Burgerschap moet iets betekenen, conform de politieke gemeenschap in kwestie. Dat is een basisveronderstelling van de beschaving zelf.” Hij stelt dat het loslaten van dit principe — iets wat hij zelf mee heeft gepropageerd — de oorzaak is van de huidige problemen, niet alleen in Frankrijk, maar ook in de VS en elders in de wereld.
Dave Rubin reageert instemmend en haalt herinneringen op aan libertarische bijeenkomsten die hij vroeger bijwoonde, waar “open grenzen, open grenzen, open grenzen” het mantra was. “Ik snap wat jullie probeerden te bereiken. Je houdt niet echt van natiestaten, je wil vrij verkeer van informatie en economie. Maar jullie konden nooit iets verdedigen.” Hij is blij dat Jeffrey tot dit inzicht is gekomen, hoe pijnlijk ook.
Conservatisme als beschermer van het liberalisme
Het gesprek eindigt met een reflectie over de relatie tussen liberalisme, libertarisme en conservatisme. Rubin formuleert het op zijn kenmerkende manier: “Goede liberalen en libertariërs hebben in zekere zin conservatieven nodig om de deur te bewaken. Je hoeft zelf niet conservatief te zijn.” Hij citeert een uitspraak van zijn vriendin Melissa Chen: “Je kunt liberaal zijn in je privéleven, maar je moet conservatief zijn op straat — wat betekent: zorg dat je kunt behouden wat een samenleving goed maakt.”
De boodschap van het gesprek is duidelijk: de panelleden, met name Jeffrey, zien de rellen in Frankrijk als het logische gevolg van een ideologisch falen. Decennialang werd het idee van grenzeloze migratie omarmd door progressieven én libertariërs, zonder voldoende aandacht voor de sociale en culturele samenhang die een samenleving nodig heeft om te functioneren. Nu, zo stellen de sprekers, worden de rekeningen gepresenteerd — en de factuur is hoog.
Context en kanttekeningen
Het is belangrijk te benadrukken dat de Rubin Report een uitgesproken rechts-conservatief platform is. De analyse die in deze video gepresenteerd wordt, is partijdig en kadert de rellen nadrukkelijk in een immigratie- en identiteitspolitiek narratief. Alternatieve verklaringen voor de onlusten — zoals socio-economische achterstelling, institutioneel racisme of de aanleiding van een concrete politieschietpartij — komen in het gesprek nauwelijks aan bod. Wie een volledig beeld wil vormen van de situatie in Frankrijk, doet er goed aan ook andere bronnen te raadplegen.