Bron: De Morgen | Methode: Herschreven
Origineel: “België voert 19 lopende strafonderzoeken naar mogelijke Syrische oorlogsmisdadigers in België”
Het internationale onderzoek ‘The Damascus Dossier’, waarbij ruim 134.000 gelekte documenten van Assads inlichtingendiensten geanalyseerd werden, brengt in kaart hoe alomtegenwoordig die martelpraktijken waren. Bovendien blijkt er een link naar ons land. Navraag in de Syrische gemeenschap in België leert…
Het vallen van het Assad-regime in Syrië werpt een nieuw licht op de aanwezigheid van mogelijke oorlogsmisdadigers in België. Uit cijfers van het federaal parket blijkt dat er momenteel negentien actieve strafonderzoeken lopen naar personen die verdacht worden van inbreuken tegen het humanitair recht tijdens het Syrische conflict.
**Omvangrijke documentenleak onthult martelpraktijken**
De problematiek kwam scherper in beeld door het internationale onderzoek ‘The Damascus Dossier’. Dit baanbrekende onderzoek analyseerde maar liefst 134.000 gelekte documenten van Assads inlichtingendiensten. De documenten brengen op onthutsende wijze in kaart hoe alomtegenwoordig de martelpraktijken waren onder het Assad-regime.
Wat het onderzoek bijzonder relevant maakt voor België, is dat er een duidelijke link naar ons land werd gevonden. Navraag in de Syrische gemeenschap in België leert dat hier mogelijke oorlogsmisdadigers en medestanders van het Assad-regime rondlopen, vaak met de status van erkend vluchteling.
**Federaal parket opende 27 dossiers**
Parketwoordvoerster Yasmina Vanoverschelde geeft meer duiding bij de cijfers: “Het federaal parket heeft in totaal al 27 dossiers geopend over inbreuken tegen het humanitair recht – waaronder oorlogsmisdaden – die in Syrië zouden zijn gepleegd onder Assad.” Van deze 27 dossiers werden er acht zonder gevolg geklasseerd, wat betekent dat er nog negentien strafonderzoeken actief zijn.
Opmerkelijk is dat niet alle onderzoeken zich richten op Assad-getrouwen. “Sommige hebben betrekking op strijders van Islamitische Staat die tijdens het Assad-regime deelnamen aan misdaden in het land”, verduidelijkt Vanoverschelde. Dit toont aan dat de Belgische justitie een brede aanpak hanteert bij het vervolgen van oorlogsmisdaden, ongeacht de politieke affiliatie van de verdachten.
**Vier zaken bij onderzoeksrechter**
Van de negentien lopende onderzoeken zijn er vier inmiddels in handen van een onderzoeksrechter. Dit wijst erop dat deze dossiers een vergevorderd stadium hebben bereikt en dat er voldoende elementen zijn om een gerechtelijk onderzoek te rechtvaardigen.
De overige vijftien onderzoeken bevinden zich nog in de voorbereidende fase bij het parket, waar wordt onderzocht of er voldoende bewijs is om verder te gaan met vervolging.
**Gebrek aan middelen vormt struikelblok**
Ondanks de inzet van het federaal parket, blijven er zorgen bestaan over de effectiviteit van de onderzoeken. Brigitte Herremans, experte van de Universiteit Gent, uit haar bezorgdheid over het gebrek aan middelen en personeel bij de politie voor dit type onderzoeken.
“Het federaal parket zegt al versterking te hebben gekregen, maar verhult niet dat er al langer een gebrek is aan politiespeurders om onderzoeken naar oorlogsmisdaden te voeren”, aldus Herremans. Dit personeelstekort vormt een belangrijke uitdaging, vooral omdat onderzoeken naar oorlogsmisdaden bijzonder complex en tijdrovend zijn.
**Internationale context**
België staat niet alleen in zijn inspanningen om Syrische oorlogsmisdadigers te vervolgen. Verschillende Europese landen hebben vergelijkbare onderzoeken opgezet, gebruikmakend van het principe van universele jurisdictie. Dit principe stelt landen in staat om oorlogsmisdaden te vervolgen, ook wanneer deze niet op hun eigen grondgebied zijn gepleegd.
De val van het Assad-regime opent nieuwe mogelijkheden voor internationale samenwerking en toegang tot bewijsmateriaal. Tegelijkertijd roept het vragen op over de status van erkende vluchtelingen die mogelijk betrokken waren bij misdaden onder het vorige regime.
**Uitdagingen voor de toekomst**
De Belgische autoriteiten staan voor een delicate balanceeroefening. Enerzijds hebben zij de plicht om oorlogsmisdadigers te vervolgen, ongeacht hun huidige status in België. Anderzijds moeten zij ervoor zorgen dat onschuldige vluchtelingen niet ten onrechte verdacht worden.
De komende maanden zullen cruciaal zijn voor de verdere ontwikkeling van deze dossiers. Met de politieke omwenteling in Syrië kunnen nieuwe getuigen naar voren komen en kan er toegang komen tot bewijsmateriaal dat voorheen onbereikbaar was.
Het succes van deze onderzoeken zal grotendeels afhangen van de bereidheid van de Belgische overheid om voldoende middelen vrij te maken voor deze complexe en langdurige procedures. Alleen met adequate financiering en personeel kunnen de negentien lopende onderzoeken tot een bevredigende afronding worden gebracht.